ECLI:NL:GHLEE:2003:AF9021
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.H.A. Fransen
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde vrijstaande bungalow na bezwaar en beroep
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woning, een vrijstaande bungalow gelegen aan de a-laan 6 te Z, die aanvankelijk was vastgesteld op ƒ 698.000,-- per 1 januari 1999. Na bezwaar handhaafde het hoofd van de afdeling financiën van de gemeente Assen deze waarde, maar verlaagde deze later ambtshalve naar ƒ 650.000,-- op basis van een taxatierapport.
Het geschil betrof de juiste waarde van de woning per peildatum 1 januari 1999. Belanghebbende voerde aan dat de waarde te hoog was vastgesteld, onder meer omdat hij een lagere koopsom had betaald en omliggende woningen lager waren gewaardeerd. Het hoofd stelde dat de verlaging naar ƒ 650.000,-- correct was en dat verschillen met omliggende woningen verklaarbaar waren.
Het hof overwoog dat de waarde volgens de Wet WOZ moet worden vastgesteld op de waarde in het economische verkeer per 1 januari 1999, rekening houdend met de staat van de woning op 1 januari 2001 vanwege verbouwingen. Het hof achtte het taxatierapport en de koopsom van belanghebbende van gewicht en verwierp diens stelling dat hij te veel had betaald omdat dit niet aannemelijk was gemaakt.
Verder oordeelde het hof dat het gelijkheidsbeginsel niet van toepassing was omdat de woningen onderling verschilden en het hoofd een gemotiveerd beleid voerde. De waardestijging ten opzichte van het vorige tijdvak was volgens het hof niet onredelijk. Het hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de eerdere uitspraak en stelde de waarde definitief vast op ƒ 650.000,-- (€ 294.957,--).
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op ƒ 650.000,-- per 1 januari 1999.