ECLI:NL:GHLEE:2003:AF4308
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet-naleving zekerheidstelling en griffierecht bij verkeersboete
Betrokkene was in verzet gegaan tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel uitgevaardigd door de officier van justitie. De kantonrechter verklaarde het verzet niet-ontvankelijk omdat betrokkene niet had voldaan aan de verplichtingen van zekerheidstelling en betaling van griffierecht zoals vereist volgens de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV).
Betrokkene stelde in hoger beroep dat hij vanwege zijn financiële situatie niet in staat was het griffierecht en de zekerheidstelling te voldoen. Het hof overwoog dat dit een mogelijke belemmering van het recht op toegang tot de rechter kan vormen, maar dat proces-economische redenen en het ontbreken van een inhoudelijke grond voor het beroep meebrengen dat betrokkene niet opnieuw in de gelegenheid wordt gesteld om aan deze verplichtingen te voldoen.
Daarnaast had betrokkene nagelaten een afschrift van het exploit van betekening te overleggen, wat volgens art. 26 WAHV Pro vereist is bij het indienen van het verzet. De kantonrechter had hem hiervoor meerdere malen in de gelegenheid gesteld, maar betrokkene had dit niet gedaan. Het hof bevestigde daarom de niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens niet-naleving van zekerheidstelling en griffierecht.