ECLI:NL:GHLEE:2002:AF0697
Gerechtshof Leeuwarden
- Proceskostenveroordeling
- Dijkstra
- Van Dijk
- Weenink
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen beschikking kantonrechter inzake proceskostenvergoeding WAHV
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen een beschikking van de kantonrechter waarin de Staat der Nederlanden werd veroordeeld tot het vergoeden van proceskosten, met afwijzing van het meer of anders verzochte. De gemachtigde van de betrokkene voerde aan dat op grond van art. 13b WAHV en art. 14 WAHV Pro hoger beroep mogelijk zou zijn omdat het financiële belang hoger was dan de ondergrens van EUR 70.
Het hof oordeelde dat art. 14, eerste lid, WAHV expliciet bepaalt dat hoger beroep openstaat tegen beslissingen van de kantonrechter waarbij een administratieve sanctie wordt opgelegd, tenzij deze niet meer bedraagt dan EUR 70. In het onderhavige geval betreft het echter een beschikking op grond van art. 13b WAHV, waarbij geen sanctie wordt opgelegd maar een verzoek tot proceskostenvergoeding wordt behandeld.
Daarom staat op grond van de wettekst, wetsgeschiedenis en wetssystematiek geen hoger beroep open tegen een beslissing van de kantonrechter over proceskostenvergoeding op grond van art. 13b WAHV. Het hof verklaarde het hoger beroep derhalve niet-ontvankelijk. De beschikking van de kantonrechter blijft daarmee in stand.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen de beschikking van de kantonrechter over proceskostenvergoeding.