ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6128
Gerechtshof Leeuwarden
- Proceskostenveroordeling
- Vellinga
- Kalsbeek
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet tijdig beslissen administratieve sanctie snelheidsovertreding
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens snelheidsovertreding op de Rijksweg A16 te Breda. Tegen deze beschikking werd tijdig beroep ingesteld bij de officier van justitie, die niet binnen de wettelijke termijn besliste. Betrokkene stelde vervolgens beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De kantonrechter verklaarde het beroep tegen het niet tijdig beslissen ongegrond en het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk. Het hof oordeelt echter dat betrokkene ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard, omdat het recht op toegang tot de rechter (art. 6 EVRM Pro) vereist dat hoger beroep mogelijk is, ook bij sancties onder de ƒ 150.
Gezien de lange vertraging en het onwaarschijnlijke perspectief op een redelijke termijn voor berechting, wijst het hof de zaak niet terug maar doet zelf uitspraak. Het hof vernietigt de eerdere beslissingen en veroordeelt de advocaat-generaal tot vergoeding van proceskosten aan betrokkene.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt eerdere beslissingen en veroordeelt de advocaat-generaal tot vergoeding van proceskosten.