ECLI:NL:GHLEE:2002:AE5603
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- prof. mr. Aardema
- mr. Wedzinga
- mr. Van Stempvoort
- Rechtspraak.nl
Veroordeling rechtspersoon voor bezit en verkoop softdrugs ondanks gedoogbeleid
Het gerechtshof Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de arrondissementsrechtbank Groningen, waarin een rechtspersoon werd veroordeeld voor het bezit van aanzienlijke hoeveelheden hashish en hennep verspreid over meerdere locaties in Groningen.
De verdediging voerde aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege het lokale gedoogbeleid en dat de strafvervolging geschorst moest worden in afwachting van een bestuursrechtelijke procedure. Het hof verwierp deze verweren en benadrukte dat strafrechtelijke en bestuursrechtelijke handhaving naast elkaar bestaan zonder hiërarchische rangorde.
Het hof achtte bewezen dat de rechtspersoon in de periode van 31 oktober tot en met 1 november 1997 opzettelijk grote hoeveelheden softdrugs in bezit had, wat strafbaar is volgens de Opiumwet. Gezien de ernst van de feiten en eerdere transacties legde het hof een geldboete op, die met 10% werd verminderd vanwege een onredelijke termijn van 26 maanden tussen appel en zitting.
Daarnaast werden de inbeslaggenomen drugs aan het verkeer onttrokken. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak de rechtspersoon vrij van hetgeen niet bewezen kon worden.
Uitkomst: De rechtspersoon is veroordeeld tot een geldboete van €4.083,30, waarvan €1.800 voorwaardelijk, met onttrekking van de drugs aan het verkeer.