ECLI:NL:GHLEE:2002:AD9885
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Vellinga
- Huisman
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid beroep wegens zekerheidstelling WAHV
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie, maar het kantongerecht verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk wegens het niet tijdig stellen van zekerheid voor betaling van de sanctie, zoals vereist op grond van art. 11 WAHV Pro.
Het hof oordeelt dat de mededeling van de officier van justitie niet voldeed aan de wettelijke eisen, omdat deze onvoldoende duidelijkheid bood over de verplichting tot zekerheidstelling, het bedrag daarvan, de wijze en termijn van betaling, en de gevolgen van het nalaten daarvan. Hierdoor was de niet-ontvankelijkverklaring onterecht.
Het hof wijst erop dat de betrokkene tweemaal geïnformeerd moet zijn over de verplichting tot zekerheidstelling en in de gelegenheid moet zijn gesteld om het verzuim te herstellen. Tevens constateert het hof dat de betrokkene is ontbonden en vraagt de advocaat-generaal zich uit te laten over de gevolgen daarvan voor de procedure.
Het hof beveelt de kantonrechter aan een nieuwe termijn te stellen waarbinnen zekerheid kan worden gesteld, met correcte mededeling aan de betrokkene. De zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het hof vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring en verwijst de zaak terug voor nieuwe termijnstelling van zekerheid.