ECLI:NL:GHLEE:2001:ZJ0168
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Vellinga
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring in bestuursstrafzaak WAHV
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie inzake een administratieve sanctie opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV). De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de betrokkene niet tijdig zekerheid zou hebben gesteld.
Het hof stelde vast dat de betrokkene wel degelijk tijdig zekerheid had betaald, zoals blijkt uit een kwitantie van 3 augustus 2000. Daarom was de niet-ontvankelijkverklaring onterecht. Gezien de lange duur sinds de geconstateerde gedraging op 9 juni 1996 en de te verwachten termijn voor verdere behandeling, besloot het hof de zaak niet terug te verwijzen maar zelf te behandelen.
Het hof vernietigde zowel de beslissing van de kantonrechter als die van de officier van justitie en de opgelegde administratieve sanctie. Tevens werd bepaald dat het door de betrokkene gestelde zekerheidbedrag van fl 318,75 aan hem wordt gerestitueerd. Het arrest werd gewezen door mr Vellinga en uitgesproken in openbare zitting.
Uitkomst: Het hof vernietigde de niet-ontvankelijkverklaring en de administratieve sanctie en deed de zaak zelf af.