ECLI:NL:GHLEE:2001:AD8589
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Vellinga
- Huisman
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdige zekerheidstelling WAHV
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie inzake een administratieve sanctie op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV). De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de betrokkene niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn zekerheid had gesteld voor de betaling van de sanctie.
In hoger beroep werd betoogd dat de mededelingen van de officier van justitie omtrent de termijn voor zekerheidstelling niet aan de wettelijke eisen voldeden, omdat de brieven de dagtekening als aanvang van de termijn noemden in plaats van de verzenddatum. De advocaat-generaal stelde daarom vernietiging en terugwijzing voor.
Het hof oordeelde echter dat ondanks deze onvolkomenheid de betrokkene niet in zijn belangen was geschaad, mede omdat de termijn in de brieven langer was dan de wettelijke termijn en de betrokkene geen zekerheid had gesteld. Het hof bevestigde daarom de niet-ontvankelijkheidsverklaring van het beroep door de kantonrechter.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het beroep wegens het niet tijdig stellen van zekerheid volgens art. 11 WAHV.