ECLI:NL:GHLEE:2001:AD8126

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
3 oktober 2001
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
WAHV 01-00281
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Kalsbeek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging administratieve sanctie wegens overschrijding maximumsnelheid

Betrokkene werd administratief gesanctioneerd met een boete van 240 gulden wegens het overschrijden van de maximumsnelheid op 11 mei 2000 op de N359 in de gemeente Wûnseradiel. Hij betwistte de overtreding en voerde aan dat hij niet zo snel had kunnen rijden, gebaseerd op zijn eigen snelheidmetingen kort voor de overtreding. Tevens stelde hij dat hij ten onrechte niet door middel van een bord was geïnformeerd over de snelheidscontrole.

De verbalisant verklaarde dat de gemeten snelheid van 99 km/h was gecorrigeerd naar 96 km/h volgens de richtlijnen van de VECOM en dat het gebruikte verkeersmeetmiddel was getest en op juiste wijze was toegepast. Het hof oordeelde dat betrokkene niet uitsloot dat de gecorrigeerde snelheid van 96 km/h was gehaald en vond geen reden om aan de verklaring van de verbalisant te twijfelen.

Daarnaast stelde het hof dat het ontbreken van een bord dat op de snelheidscontrole wees, geen reden was om de sanctie te matigen of te verwerpen. Het hof bevestigde daarom het vonnis van de kantonrechter dat het beroep van betrokkene ongegrond verklaarde en de administratieve sanctie handhaafde.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de administratieve sanctie van 240 gulden wegens overschrijding van de maximumsnelheid.

Uitspraak

WAHV 01/00281
3 oktober 2001
CJIB 34233448
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Sneek
van 23 mei 2001
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [woonplaats].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Leeuwarden ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. Aan de betrokkene is bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van fl 240,- opgelegd ter zake van "overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen", welke gedraging zou zijn verricht op 11 mei 2000 op de N359(van afslag Workum tot afslag Tjerkwerd) in de gemeente Wünseradiel.
3.2. De betrokkene ontkent de gedraging te hebben verricht. Hij stelt niet zo snel te kunnen hebben gereden, omdat hij naar zijn zeggen korte tijd voordat de gedraging is verricht op dezelfde weg op een afstand van 300 meter van de plaats van de gedraging 68 of 69 km/h reed, dat hij in die korte tijd niet een snelheid van 96 km/h had kunnen halen, dat hij ook heeft geprobeerd op een traject van 300 meter zijn snelheid van 68 km/h naar 99 km/h te verhogen, maar dat hij na 300 meter te hebben opgetrokken slechts 85 of 90 km/h reed en dat hij "plank gas" had moeten geven om zijn snelheid naar 99 km/h te verhogen. Hij voert voorts aan, dat hij ten onrechte na de constatering van de gedraging niet door middel van een bord is gewezen op het feit dat er een snelheidscontrole heeft plaatsgevonden.
3.3. Het zaakoverzicht houdt in als relaas van verbalisant, dat de geconstateerde snelheid van 96 km/h het resultaat is van een uitgevoerde correctie op de gemeten radarsnelheid van 99 km/h, overeenkomstig de richtlijn van de vecom en dat hij de gereden snelheid vaststelde met behulp van een voor de meting geteste en op de voorgeschreven wijze gebruikt verkeersmeetmiddel.
3.4.Het hof overweegt, dat nu de betrokkene slechts aanvoert, dat hij op het moment van de gedraging niet zo snel had kunnen rijden en daarmee niet uitsluit dat de werkelijk gereden snelheid (na correctie) 96 km/h was en het hof geen reden heeft om te twijfelen aan het relaas van de verbalisant, is het hof tot de overtuiging gekomen dat de betrokkene de gedraging heeft verricht. De omstandigheid, dat de betrokkene na de controle niet door een bord is gewezen op het feit dat er een snelheidscontrole heeft plaatsgevonden, is geen omstandigheid die het opleggen van een administratieve sanctie niet billijkt of die tot matiging van de administratieve sanctie had moeten leiden.
3.5. Het hof bevestigt dan ook de beslissing van de kantonrechter.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter.
Dit arrest is gewezen door mr Kalsbeek, in tegenwoordigheid van mr Bennen als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.