ECLI:NL:GHLEE:2001:AB2194
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Aardema
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof Leeuwarden verklaart verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep ongegrond
Belanghebbende stelde verzet in tegen de beschikking van de voorzitter van de belastingkamer die zijn beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens overschrijding van de termijn van zes weken na dagtekening van de uitspraak van de inspecteur. Het beroepschrift was niet binnen de wettelijke termijn ingediend, wat door het hof werd vastgesteld.
De gemachtigde van belanghebbende voerde aan dat het beroepschrift reeds op 17 juli 2000 per fax was verzonden, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt en bleek ook niet uit de faxadministratie van het hof. Daarnaast stelde belanghebbende dat de doorzendplicht van het bestuursorgaan was geschonden, maar het hof oordeelde dat verzoeken om uitstel van betaling aan de Belastingdienst niet als een beroepschrift bij een onbevoegd bestuursorgaan kunnen worden aangemerkt, zodat doorzending niet verplicht was.
Het hof concludeerde dat de niet-ontvankelijkverklaring terecht was en verklaarde het verzet ongegrond. De uitspraak werd op 15 juni 2001 gedaan door de vice-president van het hof, prof. mr. E. Aardema.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroepschrift werd ongegrond verklaard vanwege overschrijding van de beroepstermijn.