ECLI:NL:GHLEE:2001:AB1358
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- prof. mr. Aardema
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingaanslag inkomstenbelasting 1997 en aftrekposten
Belanghebbende, woonachtig in Nederland, werd voor het jaar 1997 aangeslagen voor inkomstenbelasting op een belastbaar inkomen van ƒ 34.230,-, inclusief inkomsten uit Duitse loondienst en andere arbeid. Hij maakte bezwaar tegen de aanslag en stelde dat zijn belastbaar inkomen negatief was door aftrek van reiskostenforfait, arbeidskostenforfait en verwervingskosten.
Het hof overwoog dat het Nederlandse belastingrecht het wereldinkomen belast, waardoor ook de in Duitsland verdiende inkomsten in de heffing worden betrokken. De inspecteur had de aanslag als nihilaanslag opgelegd, rekening houdend met de verdragsregels tussen Nederland en Duitsland, en de hoogte van de aanslag was niet in geschil.
Belanghebbende mocht het maximale reiskostenforfait van ƒ 2.050,- en het arbeidskostenforfait van ƒ 2.598,- in aftrek brengen, maar niet de extra reiskosten van ƒ 115,20. De stelling van belanghebbende dat zijn verzoek tot achterwaartse verliesverrekening was afgewezen, werd gepasseerd omdat de inspecteur had toegezegd alsnog een beschikking te geven.
Het hof concludeerde dat het beroep ongegrond was en bevestigde de uitspraak van de inspecteur, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag inkomstenbelasting 1997 wordt ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.