ECLI:NL:GHLEE:2001:AB1155
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- prof. mr Aardema
- mr Fransen
- de heer Rood
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke kwalificatie afkoop wachtgelden wethouder gemeente
Belanghebbende, voormalig wethouder van de gemeente A, ontving een afkoopsom ter afkoop van resterende wachtgelden na beëindiging van zijn functie. Deze afkoopsom werd niet in zijn belastbaar inkomen opgenomen, maar de inspecteur stelde deze wel bij in de voorlopige aanslag inkomstenbelasting 1999.
Het geschil betrof de vraag of de afkoopsom onder de vrijstelling van artikel 11, eerste lid, aanhef en letter e, van de Wet LB 1964 valt. Belanghebbende stelde dat de afkoopsom loon uit vroegere dienstbetrekking is en derhalve vrijgesteld, terwijl de inspecteur dit ontkende en meende dat de dienstbetrekking was beëindigd en de afkoopsom niet onder de vrijstelling viel.
Het hof stelde vast dat de arbeidsrelatie van belanghebbende als wethouder als dienstbetrekking moest worden aangemerkt en dat de afkoopsom loon uit vroegere dienstbetrekking is. De afkoopsom werd toegekend aan een BV die periodieke uitkeringen aan belanghebbende zal doen vanaf zijn 65e. Het hof oordeelde dat dit een aanspraak op periodieke uitkeringen ter vervanging van te derven loon betreft, welke vrijgesteld is op grond van artikel 11, eerste lid, aanhef en letter e, van de Wet LB 1964.
Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd tot het lagere belastbare inkomen zonder de afkoopsom en de kosten werden aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag verminderd tot een belastbaar inkomen van f. 18.227,-- zonder de afkoopsom.