ECLI:NL:GHLEE:2000:AA8937
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Pruiksma
- Drion
- Woelders
- Rechtspraak.nl
Bevestiging waardering en objectafbakening onroerende-zaakbelastingen warenhuis a-straat 21
Belanghebbende, X B.V., maakte bezwaar tegen de aanslag onroerende-zaakbelastingen (ozb) over 1993 voor het warenhuis aan de a-straat 21 te L. De aanslag was gebaseerd op een heffingsgrondslag van f 27.480.000,-, vastgesteld door het hoofd van de afdeling belastingen van de gemeente Groningen. Belanghebbende betwistte de objectafbakening en de waardering van het pand.
Tijdens de procedure stelde belanghebbende dat de gebouwen aan de a-straat 21 en 7 maatschappelijk gezien één object vormen vanwege een ondergrondse verbinding, en dat daarom één aanslag had moeten worden opgelegd. Het hof oordeelde dat belanghebbende zich in het beroepschrift had beperkt tot het pand a-straat 21 en daarmee berustte in de waardering van a-straat 7. Het beroep op een andere objectafbakening kon daarom niet slagen.
Betreffende de waardering had het hoofd een taxatierapport overgelegd waarin de huurwaarde-kapitalisatiemethode werd toegepast met een kapitalisatiefactor van 9,5. Belanghebbende verwees naar een ander taxatierapport dat de discounted-cash-flowmethode gebruikte, maar het hof achtte deze methode niet geschikt voor de ozb-waardering omdat deze uitgaat van een verkoopstrategie die niet representatief is voor alle mogelijke gegadigden.
Het hof concludeerde dat het hoofd voldoende aannemelijk had gemaakt dat de waardering niet te hoog was vastgesteld en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak van het hoofd werd bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag onroerende-zaakbelastingen 1993 voor het warenhuis a-straat 21 wordt ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.