ECLI:NL:GHLEE:1999:AA8621
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Pruiksma
- Fransen
- Rood
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM wegens onvoldoende bewijs privégebruik taxi
Aan belanghebbende werd een naheffingsaanslag BPM opgelegd over de periode van 29 maart 1991 tot 20 maart 1994. De aanslag volgde op een eerdere teruggaaf van BPM voor een taxi die volgens belanghebbende uitsluitend voor taxivervoer werd gebruikt, maar in werkelijkheid ook privéritten maakte.
Belanghebbende beschikte niet meer over de rittenstaten, waardoor niet objectief kon worden vastgesteld of de taxi inderdaad alleen voor taxivervoer werd gebruikt. Het hof oordeelde dat belanghebbende de bewijslast niet had kunnen waarmaken en verwierp het beroep op het vertrouwensbeginsel.
De naheffingsaanslag werd verminderd tot de enkelvoudige belasting zonder verhoging, omdat onvoldoende bewijs bestond voor opzet of grove schuld. Tevens werd de inspecteur veroordeeld tot betaling van proceskosten en het griffierecht aan belanghebbende vergoed.
De uitspraak bevestigt het principe dat belastingplichtigen die een vrijstelling claimen, de bewijslast dragen en dat het ontbreken van bewijs kan leiden tot naheffing. Het hof benadrukte dat geen sprake was van een bewuste standpuntbepaling van de inspecteur die het vertrouwen van belanghebbende rechtvaardigde.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot enkelvoudige belasting zonder verhoging en proceskosten worden aan belanghebbende vergoed.