Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Procesgang
Tenlastelegging
hij in of omstreeks de periode van 23 december 2022 tot en met 04 juni 2024 te Spijkenisse, gemeente Nissewaard, althans in Nederland, (meermalen)
hij in of omstreeks de periode van 15 april 2024 tot en met 23 mei 2024 te Spijkenisse, gemeente Nissewaard
Vordering van de advocaat-generaal
Het vonnis waarvan beroep
Vrijspraak van het onder 2 tenlastegelegde feit
grooming’, hetgeen buiten het bereik van artikel 240c van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) valt.
groomingvan minderjarigen, hetgeen strafbaar gesteld is in artikel 248e (oud) Sr en – kort gezegd – verleiding, zoals strafbaar gesteld in artikel 248a (oud) Sr. De wetgever heeft expliciet en uitdrukkelijk de wetsartikelen opgesomd waarop de strafbaarstelling van artikel 240c (oud) Sr betrekking heeft. In antwoord [2] op een vraag uit de Tweede Kamer wat de afweging is geweest om de artikelen 248a (oud) en 248e (oud) Sr niet onder de werking van het wetsvoorstel te laten vallen, heeft de Minister van Justitie en Veiligheid (hierna: de Minister) opnieuw benadrukt dat artikel 240c (oud) Sr is vormgegeven als een bijzondere voorbereidingshandeling, vergelijkbaar met het huidige artikel 134a Sr (hulp bij (voorbereiding) terroristisch misdrijf). Uit jurisprudentie blijkt dat artikel 134a Sr een ruimere reikwijdte heeft dan artikel 46 Sr Pro (aanvulling hof: waarin de voorbereiding van bepaalde misdrijven strafbaar is gesteld) in die zin, dat voor het bewijs van artikel 134a Sr volstaat dat uit de bewijsvoering ‘voldoende verband’ volgt tussen de (feitelijke) gedraging en enige vorm van training voor terrorisme. Onder training wordt verstaan het opdoen of overbrengen van kennis of zich of een ander bekwamen in vaardigheden of technieken. Vertaald naar het voorgestelde artikel 240c Sr, zal uit de bewijsvoering dus moeten volgen dat de feitelijke gedragingen die de verdachte worden verweten van dien aard zijn, dat kan worden gezegd dat er met die gedragingen voldoende verband bestaat met het opdoen of overbrengen van kennis of zich of een ander bekwamen in vaardigheden (of technieken) voor het seksueel misbruiken van kinderen.
verstrekt in samenhang met bijvoorbeeld instructies voor het verrichten van bepaalde seksuele handelingen bij een minderjarige, ook onder de reikwijdte van dit wetsvoorstel vallen (cursivering hof).
een misdrijf ter voorbereiding of vergemakkelijkingvan een terroristisch misdrijf” (cursivering hof)
.Het hof maakt daaruit op, in samenhang met de hiervoor weergegeven wetsgeschiedenis van artikel 240c (oud) Sr, dat artikel 240c (oud) Sr, dat niet verwijst naar voorbereidende misdrijven, in zoverre een meer beperkte reikwijdte heeft dan artikel 134a Sr.
groomingvan minderjarigen (artikel 248e (oud) Sr) en – kort gezegd – verleiding (artikel 248a (oud) Sr) daarvan geen deel uit. Uit de inhoud van het gesprek met de chatbot dat in de tenlastelegging is opgenomen blijkt niet van het zich of een ander verschaffen of trachten te verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen met betrekking tot (een van) de expliciet in artikel 240c (oud) Sr genoemde seksuele misdrijven. Weliswaar kan worden vastgesteld dat inlichtingen zijn verschaft over het verleiden dan wel de
groomingvan een minderjarig kind, maar niet dat deze zijn verstrekt
in samenhang met bijvoorbeeld instructies voor het verrichten van bepaalde seksuele handelingen bij een minderjarige, zoals in de wetsgeschiedenis is genoemd. Het hiervoor genoemde verband ontbreekt dan ook, hetgeen aan de bewezenverklaring van feit 2 in de weg staat. Een ruimere uitleg van het bepaalde in artikel 240c Sr zou naar het oordeel van het hof, mede gelet op de hiervoor weergegeven wetgeschiedenis, strijd opleveren met het legaliteitsbeginsel.
Bewezenverklaring
hij in
of omstreeksde periode van 23 december 2022 tot en met 04 juni 2024 te Spijkenisse, gemeente Nissewaard, althans in Nederland,
(meermalen
)
eenmobiele telefoon en
/ofeenlaptop) , bevattende afbeeldingen, te weten foto's en
/ofvideo's
betrokken heeft vervaardigd en/of verworven en/ofin bezit
heeftgehad
,en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaftwelke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:
/of
/of
/of
Bewijsvoering
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Strafmotivering
Beslag
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
180 (honderdtachtig) dagen.
179 (honderdnegenenzeventig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.
onttrekking aan het verkeervan het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten: