Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- een journaalbericht van de zijde van de vrouw van 16 juni 2025 met bijlagen, ingekomen op 26 juni 2025;
- een journaalbericht van de zijde van de man van 7 november 2025 met bijlagen, ingekomen op diezelfde datum;
- een journaalbericht van de zijde van de vrouw van 11 november 2025 met bijlagen, ingekomen op diezelfde datum.
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de man, bijgestaan door zijn advocaat.
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
€ 2.615,02, zijnde de stookkosten van de woning;
5.De motivering van de beslissing
€ 78.000,- en heeft de man zijn aandeel in die verkoopopbrengst dan wel waarde volledig aan de vrouw verbeurd, zodat haar dat gehele bedrag toekomt.
€ 15.000,-, welk bedrag hij pas na de peildatum heeft ontvangen. Dat de man de eenmanszaak voor een dergelijk bedrag heeft verkocht, volgt ook uit de overgelegde koopovereenkomst. De door de vrouw gestelde uitingen over de koopsom door de kopers van de eenmanszaak zijn volgens hem niet juist en enkel gedaan met het oog op een eventuele doorverkoop van de eenmanszaak. Dat [de eenmanszaak] voor een hoger bedrag is verkocht dan wel een hogere waarde vertegenwoordigde dan voornoemde verkoopsom, volgt zijns inziens dan ook nergens uit. De man stelt dat [de eenmanszaak] juist een veel lagere waarde dan de verkoopopbrengst van € 15.000,- en zelfs geen waarde vertegenwoordigde. Per 31 december 2023 kende de eenmanszaak volgens hem een negatief eigen vermogen van € 17.595,-. De eenmanszaak liep dus helemaal niet zo goed als door de vrouw wordt verondersteld. Met de verkoopopbrengst van [de eenmanszaak] heeft de man ook zoveel mogelijk schulden van de eenmanszaak voldaan. Dit neemt niet weg dat op dit moment nog steeds sprake is van schulden van de eenmanszaak. Het betreft volgens de man nog een bedrag van € 19.435,- aan energiekosten, waarvoor beide partijen gelijk draagplichtig zijn. In de visie van de man is derhalve geen sprake van het verbeuren van zijn aandeel in [de eenmanszaak] aan de vrouw of het verdelen van de positieve verkoopopbrengst van de eenmanszaak met de vrouw, maar juist van het door de vrouw bijdragen in de nog resterende schuld van [de eenmanszaak] door de voldoening van de helft van het bedrag van € 19.435,- aan de man dan wel de energiemaatschappij.
€ 78.000,- bedroeg dan wel conform de stelling van de man negatief was.
€ 15.000,- door de man is verkocht. Uit de koopovereenkomst (overname winkel) van 8 november 2023 volgt een koopsom voor [de eenmanszaak] van € 15.000,-.