Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.[verweerder 1] ,
[verweerder 2],
[verweerder 3] ,
4.
[verweerder 4] ,wonend in [woonplaats] ,
[verweerder 5] ,
[verweerder 6] ,
[verweerder 7] ,
[verweerder 8] ,
[verweerder 9] ,
[verweerder 10] ,
[verweerder 11] ,
[verweerder 12] ,
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
3.De verdere beoordeling
4.Beslissing
- stelt vast dat de in het tussenarrest van 25 februari 2025 geconstateerde vernietigingsgrond van de door de Geschillencommissie op 1 september 2022 onder dossiernummers 154096/163008 en 154098/163010 gewezen arbitrale vonnissen niet meer bestaat als gevolg van de door de Geschillencommissie op 7 oktober 2025 gewezen arbitrale (herstel)vonnissen;
- wijst af de vordering tot vernietiging van alle arbitrale vonnissen van de Geschillencommissie gewezen tussen [eiseres] en [verweerder 1] c.s. van 1 september 2022;
- veroordeelt [eiseres] tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [verweerder 1] c.s. en begroot deze kosten tot op heden op € 6.336,-;
- bepaalt dat als [eiseres] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de uitspraak heeft voldaan en dit arrest vervolgens wordt betekend, [eiseres] de kosten van die betekening moet betalen, plus extra nakosten van € 98,-;
- draagt de griffier van het hof op een afschrift van deze beslissing toe te zenden aan de Geschillencommissie Verbouwingen en Nieuwbouw, Postbus 90600, 2509 LP Den Haag;
- verklaart dit arrest ten aanzien van de proceskosten uitvoerbaar bij voorraad.