Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Procesgang
Tenlastelegging
Vordering van de advocaat-generaal
Het vonnis waarvan beroep
Bewezenverklaring
of omstreeks12 december 2024 te ‘s-Gravenhage ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich
of een anderwederrechtelijk te bevoordelen door
geweld en/ofbedreiging met geweld [slachtoffer] te dwingen tot de afgifte van geld en
/ofgoederen
, in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten deleaan die [slachtoffer]
, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachtetoebehoorde
(n
)met een (groot) mes
, althans een scherp en/of puntig voorwerp,naar een woning gelegen aan de [adres] is gegaan en
/of (vervolgens
)dat mes
, althans dat voorwerp,aan die [slachtoffer] heeft getoond en
/of (daarbij
)heeft geroepen: “Waar is het geld, waar zijn je spullen”,
althans woorden van gelijke aard en strekking, en/of (vervolgens) dat mes, althans dat voorwerp, tegen de keel van die [slachtoffer] heeft gezet,terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
Bewijsvoering
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Strafmotivering
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
600 (zeshonderd) dagen.
234 (tweehonderdvierendertig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.