Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
3.Feitelijke achtergrond
in view of apparent misalignment within the team on various aspects of execution’ een teambuildingsessie te organiseren en hem begeleiding door een coach voorgesteld omdat er veel signalen van medewerkers waren die zich ‘
undermined or not respected’ door [appellant] voelden.
- 99% van de contracten met onderaannemers waren niet tot stand gekomen conform McDermott-beleid en -procedures;
- de projectkosten waren niet up-to-date;
- er werd niet voldaan aan het Project Risk & Opportunity Management proces.
4.Procedure bij de rechtbank
5.Verzoek in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
duurzaamverstoord is geraakt. McDermott heeft in dit verband gewezen op diverse fragmenten van het proces-verbaal van deze mondelinge behandeling, dat als productie 31 bij het verweerschrift in hoger beroep is overgelegd. [appellant] heeft echter gemotiveerd betwist dat het proces-verbaal zijn verklaringen ter zitting nauwkeurig weergeeft en dat zijn toenmalige advocaat, mr. Vesters, bedoeld heeft te stellen dat de ernstig verstoorde arbeidsverhouding een voldragen g-grond opleverde. Verder heeft [appellant] onweersproken gesteld dat dit proces-verbaal buiten aanwezigheid van partijen is opgesteld en dat partijen niet in de gelegenheid zijn gesteld om op de inhoud daarvan te reageren. Bovendien is het proces-verbaal pas geruime tijd na de beschikking van de kantonrechter aan partijen toegestuurd. Aan de inhoud van het proces-verbaal kent het hof daarom niet de betekenis toe die McDermott daaraan toegekend wil zien.
- de vele incidenten met peers, stakeholders en teamleden die zich gedurende de looptijd van de arbeidsovereenkomst hebben voorgedaan;
- de signalen van zowel de bedrijfsarts, de ondernemingsraad als de afdeling HR over de hoge uitval en het vele ziekteverzuim van (senior) medewerkers wegens het gedrag van [appellant];
- de vruchteloze gesprekken die het senior management ([manager 1] en [manager 2]) en andere leidinggevenden - zoals [manager 3], de Supply Chain Manager Global Operations & Onshore, [manager 4], de Senior Vice President Global Operations & Onshore en [manager 5], de Director of Engineering – over de voortgang van het project en over de uitval en het ziekteverzuim met [appellant] hebben gevoerd;
- de weigering van [appellant] om een teambuildingsessie te organiseren en om coaching te accepteren;
- de kritische auditrapporten over de voortgang en de resultaten van het BorWin6-project en de afwijzende reactie van [appellant] daarop.
workplace harrassment, discrimination and bullying’, aldus nog steeds McDermott.
If employees are unhappy with their tasks, deadlines, or site flexibility, the solution may be to switch projects rather than complain.(…)” Bovendien legde hij de schuld voor de vele ziekmeldingen van teamleden bij de afdeling van [manager 5]:
“(…) These situations could have been prevented by your department with a pre-employment medical screening. Some of the people assigned to me already had a history of burnout, stress, and other medical problems that made them unfit for responsible roles in the project. I wonder on what basis they were assigned to us. (…)”.
“(…) I have prepared a synopsis of the audit report Executive Summary to highlight the inaccuracies and superficial nature of the audit itself. This audit report is fundamentally flawed and unfair. The “Unsatisfactory” rating is based solely on observations that are outside the scope of the audit or outside the control of the Project (…)”. Uit deze reactie blijkt eveneens dat [appellant] niet in staat was of weigerde om kritische feedback te accepteren. Namens McDermott is onweersproken gesteld dat de raad van bestuur van McDermott deze reactie van [appellant] op het auditrapport van 25 juli 2024 hoog heeft opgenomen. Audits worden binnen McDermott zeer belangrijk geacht wegens de financiële situatie van het bedrijf en problemen uit het verleden met projecten die niet ‘in control’ bleken. Volgens McDermott is een dergelijke reactie van een projectleider van een zo belangrijk project met een zeer groot financieel belang als het BorWin6-project op een negatief auditrapport daarom ongehoord en onacceptabel voor McDermott. [appellant] heeft hierover tijdens de mondelinge behandeling in hoger beroep verklaard dat hij zich dat kan voorstellen.
7.Beslissing
- bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag van 10 juni 2025;
- veroordeelt [appellant] in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van [appellant] begroot op € 3.620,-;
- bepaalt dat als [appellant] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de uitspraak heeft voldaan en deze beschikking vervolgens wordt betekend, [appellant] de kosten van die betekening moet betalen, plus extra nakosten van € 98,-;
- verklaart deze beschikking ten aanzien van de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;
- wijst af wat in hoger beroep meer of anders is gevraagd.