Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.Veembedrijf [naam] B.V.,
Buisman Infant Solutions B.V.,
Robwelding B.V.,
1.Procesverloop
Verschenen zijn:
- [naam] en [naam] (beiden DGA van verzoeksters sub 1 en 2), bijgestaan door mr. Blankenstijn en mr. H.P. van der Veen, advocaten te Zwolle; en
- [naam] (DGA van Oranje) en [naam], bijgestaan door mr. Josephus Jitta en mr. S. Boonstra, advocaten te Amsterdam.
2.Beoordeling van het hoger beroep
Buisman c.s. dat die vorderingen kans van slagen hebben. De gestelde vordering van Oranje op grond van ongerechtvaardigde verrijking strandt volgens haar omdat de Bliklijn (een afvul- en inblikmachine die onderdeel vormt van het geschil tussen
Buisman c.s. en Oranje) niet aan Buisman c.s., maar aan [naam] Onroerende Zaken B.V. (hierna: BOZ) toekomt. Deze laatste vennootschap is geen partij in het geschil tussen Buisman c.s. en Oranje. Ook de gestelde aanspraak op een gebruiksvergoeding gaat volgens Buisman c.s. niet op, omdat de samenwerkingsovereenkomst al op 19 augustus 2022 rechtsgeldig is ontbonden. Over de periode voor 19 augustus 2022 is reeds afgerekend tussen partijen en Buismans heeft de verschuldigde gebruiksvergoeding al volledig aan Oranje voldaan. Volgens Buisman c.s. is het dan ook niet waarschijnlijk dat Oranje een aanzienlijke tegenvordering op haar heeft.
Buisman c.s. niet summierlijk is gebleken.