ECLI:NL:GHDHA:2025:550
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontuchtzaak door sturende politieverklaringen
Het gerechtshof Den Haag behandelde het hoger beroep tegen een veroordeling voor ontucht van een verdachte uit 1998. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf wegens het aanranden van een stagiaire op 18 oktober 2021.
De aangeefster deed aangifte van het aanranden, waarbij zij verklaarde dat de verdachte haar op de billen sloeg en over haar dijbeen wreef. Het hof beoordeelde de betrouwbaarheid van haar verklaring als op zichzelf geloofwaardig en consistent, maar vond het bewijs onvoldoende steun vinden in andere bewijsmiddelen. Snapchat-berichten en verklaringen van een mentor en vriendin van de aangeefster waren onvoldoende onafhankelijk of werden door sturende politieverklaringen beïnvloed.
Het hof stelde vast dat de politie onvoldoende objectief en zorgvuldig onderzoek had verricht en dat het bewijs niet aan de wettelijke eis van meer dan één getuige met steunbewijs voldeed. Daarom sprak het hof de verdachte vrij van het tenlastegelegde. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard, en de kosten werden begroot op nihil.
Deze uitspraak benadrukt het belang van objectief opsporingsonderzoek en de eis van wettig en overtuigend bewijs bij strafzaken met slechts één getuige.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van ontucht.