Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- een journaalbericht van de zijde van de vrouw van 19 september 2024 met bijlagen;
- een journaalbericht van de zijde van de vrouw van 16 juni 2025 met bijlagen, ingekomen op 17 juni 2025;
- een brief van de zijde van de hierna te noemen minderjarige [minderjarige 1] van 5 maart 2025;
- een journaalbericht van de zijde van de vrouw van 23 juni 2025;
- een journaalbericht van de zijde van de vrouw van 25 juni 2025 met bijlagen.
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de man, bijgestaan door zijn advocaat.
3.De feiten
- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] 2007 te [geboorteplaats] (hierna te noemen: [minderjarige 1] );
- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] 2010 te [geboorteplaats] (hierna te noemen: [minderjarige 2] );
- [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum] 2016 te [geboorteplaats] (hierna te noemen: [minderjarige 3] )
- in de oneven weken van woensdag uit school (12.00 uur) tot vrijdagavond na het eten (21.00 uur); en
- in de even weken van woensdag uit school (12.00 uur) tot zondagavond 19.00 uur;
- gedurende de helft van de vakanties en feestdagen, in onderling overleg tussen de ouders nader te verdelen.
4.De omvang van het geschil
- bepaald dat de man aan de vrouw, met ingang van de datum van de beschikking, een kinderalimentatie ten behoeve van de minderjarigen van € 262,- per kind per maand zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
- het verzoek van de vrouw om de onroerende zaken en de Mercedes, welke de man volgens haar in eigendom heeft en zich bevinden in Armenië, bij de verdeling te betrekken, afgewezen.
- bij de verdeling nog dienen te worden betrokken de onroerende zaken in Armenië, geregistreerd onder de kadastrale code [kadastrale code] en op [adres] , alsook een Mercedes ML 430 of 415 dient te worden betrokken;
- ten aanzien van deze zaken te bepalen dat de man deze aan de vrouw verbeurt nu deze zaken, al dan niet opzettelijk, door de man zijn verzwegen. De man dient in dat verband de volledige waarde van voornoemde onroerende zaken aan de vrouw te vergoeden. De waarde dient te worden vastgesteld door taxatie door een onafhankelijke taxateur, aan te stellen binnen een maand na de ten deze te wijzen beschikking na welke waardevaststelling binnen een maand de volledige som aan de vrouw dient te worden betaald;
- subsidiair te bepalen dat als het hof van oordeel is dat er geen sprake is van verzwijging, deze onroerende zaken alsook de auto in de verdeling wordt betrokken en daarbij te bepalen dat deze zaken aan de man worden toebedeeld onder verdeling van de helft van de waarde daarvan met de vrouw en waarvan de waarde dan dient te worden vastgesteld door aanstelling van een taxateur in Armenië, uit te voeren binnen één maand na afgifte van de te wijzen beschikking door het hof en daarbij te bepalen dat één maand nadat de onafhankelijke taxatie heeft plaatsgehad, de helft van de waarde aan de vrouw dient te worden uitgekeerd,