ECLI:NL:GHDHA:2025:1381
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging wettelijke schuldsaneringsregeling op grond van spijtoptantenregeling en hervatting betalingen
Appellant is bij vonnis van de rechtbank Den Haag op 28 november 2024 toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp). Op voordracht van de Wsnp-bewindvoerder heeft de rechtbank de regeling beëindigd bij vonnis van 26 mei 2025. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze beëindiging.
Tijdens de procedure gaf appellant aan dat hij een regeling met zijn schuldeisers had getroffen en dat hij vanwege zijn verslechterde gezondheid en de stress die de Wsnp met zich brengt, niet langer onder de regeling wenste te vallen. De Wsnp-bewindvoerder adviseerde eveneens om de regeling niet voort te zetten.
Het hof overweegt dat appellant ondubbelzinnig heeft aangegeven de regeling te willen beëindigen en dat hij een beroep doet op de spijtoptantenregeling (art. 350 lid 3 sub g Fw Pro). Daarnaast is appellant in staat zijn betalingen te hervatten (art. 350 lid 3 sub b Fw Pro). Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank met verbetering van gronden en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van de Wsnp van appellant op grond van de spijtoptantenregeling en het vermogen tot hervatting van betalingen.