ECLI:NL:GHDHA:2024:889
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek eenhoofdig gezag en voorwaarden voor gezamenlijk gezag ouders
Het Gerechtshof Den Haag behandelde het hoger beroep van de vader tegen de beschikking van de rechtbank Den Haag waarin aan de moeder eenhoofdig gezag was toegekend over de minderjarigen geboren in 2017. De minderjarigen zijn onder toezicht gesteld van de William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering.
De vader stelde dat de omgangsregeling door de moeder wordt belemmerd en dat hij buitenspel wordt gezet, terwijl hij gezamenlijk gezag wil om betrokken te zijn bij belangrijke beslissingen. De moeder stelde dat de communicatie tussen partijen moeizaam verloopt en dat gezamenlijke besluitvorming niet mogelijk is. De gecertificeerde instelling en de raad voor de kinderbescherming constateerden een zorgelijke situatie met langdurige conflicten.
Het hof oordeelde dat het uitgangspunt van gezamenlijk gezag gehandhaafd moet blijven, omdat er geen zwaarwegende belangen zijn die eenhoofdig gezag rechtvaardigen. Het hof benadrukte dat de vader zich actief en open moet opstellen in de communicatie, ook bij stagnatie van de omgangsregeling, en betrokken moet zijn bij activiteiten van de kinderen. De bestreden beschikking werd vernietigd en het verzoek tot eenhoofdig gezag afgewezen. De kosten van het geding in hoger beroep werden tussen partijen gecompenseerd.
Uitkomst: Het verzoek van de moeder tot eenhoofdig gezag wordt afgewezen en het gezamenlijk gezag wordt gehandhaafd met voorwaarden voor de vader.