ECLI:NL:GHDHA:2024:1364
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering erkenning Spaanse beslissing over ouderlijk gezag wegens ontbreken oproeping vader
De moeder verzocht het hof om een verklaring voor recht dat zij als enige het ouderlijk gezag over het minderjarige kind uitoefent, gebaseerd op een Spaanse rechterlijke beslissing. De vader stelde dat hij niet op de hoogte was van de Spaanse procedure en geen gelegenheid had gehad om verweer te voeren.
Het hof overwoog dat op grond van Brussel II bis de erkenning van buitenlandse beslissingen in beginsel moet plaatsvinden zonder inhoudelijke toetsing, tenzij zich een weigeringsgrond voordoet. De relevante weigeringsgronden betreffen onder meer het niet tijdig en op juiste wijze oproepen van de tegenpartij en het ontbreken van de mogelijkheid tot verweer.
Het hof concludeerde dat niet is gebleken dat de vader in Spanje behoorlijk is opgeroepen en gehoord, en dat de Spaanse rechter dit ook niet heeft getoetst. De moeder had in hoger beroep geen aanvullende stukken overgelegd ter onderbouwing. Daarom werd de bestreden beschikking van de rechtbank bevestigd, waarbij de proceskosten in beide instanties werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof bevestigt de weigering van erkenning van de Spaanse beslissing wegens het ontbreken van behoorlijke oproeping en gelegenheid tot verweer van de vader.