Partijen, Eurofins Salux B.V. en Testcoronanu B.V. (TCN), zijn in geschil over de uitvoering van een overeenkomst inzake laboratoriumanalyse van coronatesten. TCN stelde dat Eurofins analyses niet tijdig had uitgevoerd, waardoor zij schade leed doordat de overheid de tests niet vergoedde. De rechtbank veroordeelde Eurofins tot betaling aan TCN en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Eurofins kwam in hoger beroep en vorderde schorsing van de tenuitvoerlegging dan wel zekerheidstelling. Het hof overwoog dat het uitgangspunt is dat een vonnis uitvoerbaar bij voorraad kan worden gelegd zonder zekerheidstelling, tenzij het belang van de veroordeelde zwaarder weegt. Eurofins stelde dat het vonnis berust op een kennelijke misslag en dat zij risico loopt op onherstelbare schade bij tenuitvoerlegging.
Het hof oordeelde dat geen sprake was van kennelijke misslag en dat de door Eurofins overgelegde data-analyse onvoldoende was om het vonnis niet uit te voeren. Wel achtte het hof het restitutierisico van Eurofins voldoende gemotiveerd, mede vanwege de onzekerheid over de solvabiliteit van TCN. Daarom werd aan de uitvoerbaarheid bij voorraad de voorwaarde verbonden dat TCN zekerheid stelt.
Het hof bepaalde dat TCN aan deze zekerheidstelling kan voldoen door de executieopbrengst rechtstreeks via de deurwaarder op een kwaliteitsrekening te plaatsen, zodat deze niet onvoorwaardelijk tot haar vermogen behoort. Hiermee wordt het belang van Eurofins beschermd zonder dat TCN aanvullende middelen hoeft in te zetten. De beslissing over kosten van het incident werd aangehouden.