ECLI:NL:GHDHA:2024:1063
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanmaningskosten motorrijtuigenbelasting na naheffingsaanslagen
Belanghebbende kreeg drie naheffingsaanslagen opgelegd voor de fijnstoftoeslag motorrijtuigenbelasting, welke onbetaald bleven. De Ontvanger bracht daarom aanmaningskosten in rekening. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze kosten, maar dit werd door de Ontvanger en later door de Rechtbank afgewezen.
In hoger beroep stelde belanghebbende dat de aanmaningskosten onterecht waren omdat nog niet definitief was vastgesteld of de fijnstoftoeslag verschuldigd was. Het Hof oordeelde dat dit verweer geen steun vindt in de wet en dat de aanmaningskosten conform de Invorderingswet 1990 en de Kostenwet invordering rijksbelastingen terecht zijn opgelegd.
Het Hof bevestigde de uitspraak van de Rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 10 januari 2024 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat de aanmaningskosten terecht zijn opgelegd en verklaart het hoger beroep ongegrond.