Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[naam verdachte],
hij, op of omstreeks 23 oktober 2021 te Zoetermeer, althans in Nederland opzettelijk meerdere ambtenaren, te weten [opsporingsambtenaar 1] (hoofdagent bij politie Eenheid Den Haag) en [opsporingsambtenaar 2] (agent bij politie Eenheid Den Haag), gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van hun bediening, in het openbaar, schriftelijk, via instagram, heeft beledigd, door hen de woorden toe te voegen:
hij, op of omstreeks 23 oktober 2021 te Zoetermeer, althans in Nederland opzettelijk meerdere ambtenaren, te weten [opsporingsambtenaar 1] (hoofdagent bij politie Eenheid Den Haag) en [opsporingsambtenaar 2] (agent bij politie Eenheid Den Haag), gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van hun bediening, in het openbaar, via tiktok, heeft beledigd, door hen de woorden toe te voegen:
hij
,op
of omstreeks23 oktober 2021 te Zoetermeer
,althans in Nederland, opzettelijk meerdere ambtenaren, te weten [opsporingsambtenaar 1] (hoofdagent bij politie Eenheid Den Haag) en [opsporingsambtenaar 2] (agent bij politie Eenheid Den Haag), gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van hun bediening, in het openbaar, schriftelijk, via
Instagram, heeft beledigd, door hen de woorden toe te voegen:
/of
/of
,
hij
,op
of omstreeks23 oktober 2021 te Zoetermeer, althans in Nederland
,opzettelijk meerdere ambtenaren, te weten [opsporingsambtenaar 1] (hoofdagent bij politie Eenheid Den Haag) en [opsporingsambtenaar 2] (agent bij politie Eenheid Den Haag), gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van hun bediening, in het openbaar, via
Tik
Tok, heeft beledigd, door hen de woorden toe te voegen:
nadatde verdachte de gehuurde Lamborghini weer opgehaald had, een foto geplaatst van het in beslaggenomen voertuig. Bij de politiefunctionarissen was derhalve op het moment van het plaatsen van die foto en van andere berichten reeds bekend dat het voertuig rechtmatig gehuurd was. De berichtgeving insinueerde echter dat het voertuig in verband gebracht kon worden met criminele activiteiten. Vervolgens is de berichtgeving vanuit de politie-eenheid ook niet gerectificeerd. Het hof acht aannemelijk dat de verdachte en zijn familie door deze door de politie gecreëerde beeldvorming hinder hebben ondervonden. Het voorgaande rechtvaardigt het handelen van de verdachte niet, maar weegt mee bij het bepalen van de sanctie. Gelet op de genoemde omstandigheden zal het hof toepassing gegeven aan het bepaalde in artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht.