ECLI:NL:GHDHA:2023:2197
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging kinderalimentatie en afwijzing beroep wegens onvoldoende financiële gegevens onderhoudsplichtige
Het huwelijk van partijen werd in 2015 ontbonden en de man is onderhoudsplichtig voor twee minderjarige kinderen. De rechtbank had de kinderalimentatie vastgesteld op €418,50 per kind per maand. De man ging in hoger beroep en verzocht om verlaging van dit bedrag, maar trok zijn verzoek tot schorsing van de beschikking in.
De vrouw voerde incidenteel appel in en verzocht om toewijzing van een hoger bedrag. Tijdens de procedure bleek dat de man onvoldoende financiële stukken had overgelegd om zijn actuele inkomen en draagkracht te bepalen. Het hof stelde vast dat de vrouw volledig arbeidsongeschikt is en geen verdiencapaciteit heeft.
De man stelde dat hij beperkte inkomsten had en arbeidsongeschikt was door rugklachten, maar het hof vond zijn verklaringen en de overgelegde stukken niet betrouwbaar. Ook de vermeende inkomsten uit handel op Marktplaats werden door het hof als structureel en relevant beschouwd.
Het hof concludeerde dat de rechtbank het juiste bedrag had vastgesteld en dat er geen nieuwe feiten waren die een ander oordeel rechtvaardigen. Het hoger beroep van de man werd afgewezen, het incidenteel appel van de vrouw niet-onderbouwd en daarom ook afgewezen. De proceskosten werden in hoger beroep gecompenseerd.
Uitkomst: Het gerechtshof bekrachtigt de kinderalimentatiebeschikking en wijst het hoger beroep van de man af wegens onvoldoende financiële onderbouwing.