Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- de dagvaarding van 22 december 2022, met herstelexploit van 30 december 2022, waarmee [appellant] in hoger beroep is gekomen van het (mondelinge) vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Rotterdam van 14 december 2022;
- het arrest van dit hof van 31 januari 2023, waarin een mondelinge behandeling is gelast;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 28 maart 2023 en de daarin genoemde stukken;
- de memorie van grieven van [appellant] , met bijlagen;
- de memorie van antwoord van de Woningstichting, met bijlagen.
3.Feitelijke achtergrond
4.Procedure bij de kantonrechter
5.Vordering in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
De overlastmeldingen / tekortkoming (grieven 2, 3, 4, 5, 6 en 9)
7.Beslissing
Het hof:
- bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Rotterdam van 14 december 2022;
- veroordeelt [appellant] in de proceskosten van het hoger beroep, aan de zijde van de Woningstichting vastgesteld op € 783,- voor griffierecht en op € 2.366,- voor de kosten van de advocaat.