ECLI:NL:GHDHA:2022:641
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis loonbetaling tot 1 maart 2020 in arbeidsgeschil
In deze zaak staat centraal of de arbeidsovereenkomst tussen [geïntimeerde] en [appellante] op 1 augustus 2019 of op 1 maart 2020 is geëindigd. [Geïntimeerde] vorderde loonbetaling vanaf 14 november 2019 tot de einddatum. De kantonrechter oordeelde dat de arbeidsovereenkomst niet eerder dan 1 maart 2020 eindigde en veroordeelde [appellante] tot loonbetaling inclusief vakantiebijslag, wettelijke rente, verhoging en incassokosten.
[Appellante] ging in hoger beroep tegen deze uitspraak en stelde dat de arbeidsovereenkomst op 1 augustus 2019 was geëindigd en dat er sprake was van een latere mondelinge arbeidsovereenkomst. Ook voerde zij verweer tegen de toekenning van wettelijke verhoging, rente en incassokosten. [Geïntimeerde] betwistte dit en stelde dat hij een blanco beëindigingsovereenkomst had gekregen waarin hij zelf de datum 1 maart 2020 invulde.
Het hof overwoog dat nader onderzoek naar de juiste einddatum buiten het kort geding valt, maar dat het voorshands aannemelijk is dat de arbeidsovereenkomst niet eerder dan 1 maart 2020 eindigde. Dit volgt uit het feit dat [geïntimeerde] na 1 augustus 2019 nog werkzaamheden verrichtte en dat [appellante] op 9 december 2019 een vakantieverklaring ondertekende. Ook de WhatsApp-berichten ondersteunen dit oordeel.
Het hof oordeelde dat [appellante] gehouden is het loon en de vakantiebijslag tot 1 maart 2020 te betalen, inclusief de wettelijke verhoging en rente, omdat zij hiertegen geen gemotiveerd verweer voerde. Daarnaast zijn de buitengerechtelijke incassokosten terecht toegewezen, omdat voldoende incassowerkzaamheden zijn verricht en het bedrag redelijk is volgens het Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten.
De grieven van [appellante] falen en het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter. [Appellante] wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de arbeidsovereenkomst niet eerder dan 1 maart 2020 eindigde en veroordeelt de werkgever tot loonbetaling inclusief wettelijke verhoging en incassokosten.