ECLI:NL:GHDHA:2022:2693
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- A. Zonneveld
- A.A.F. Donders
- F.A.M. Schoenmaker
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep gezagsgeschil over deelname minderjarige aan Rijksvaccinatieprogramma
In deze zaak staat een geschil tussen ouders met gezamenlijk gezag centraal over de vaccinatie van hun minderjarige kind volgens het Rijksvaccinatieprogramma. De vader heeft vervangende toestemming gekregen om het kind te laten vaccineren, terwijl de moeder dit weigert vanwege haar bijbels-holistische en antroposofische levenswijze.
Het hof heeft het hoger beroep van de moeder afgewezen en de vervangende toestemming bekrachtigd. Het oordeel is dat vaccinatie in het belang is van het kind, mede omdat het de kans op ernstige infectieziekten vermindert en de omgeving beschermt. De moeder heeft onvoldoende onderbouwd dat van dit uitgangspunt moet worden afgeweken.
Hoewel de moeder veel stukken over de veiligheid en mogelijke bijwerkingen van vaccinaties heeft overgelegd, acht het hof deze niet doorslaggevend. Ook de geloofsovertuiging van de moeder weegt niet zwaarder dan het belang van het kind. Het hof verklaart de beschikking niet uitvoerbaar bij voorraad vanwege het onomkeerbare karakter van vaccinaties en het ontbreken van dringende noodzaak voor onmiddellijke toediening.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de vervangende toestemming voor vaccinatie van het kind en wijst het hoger beroep van de moeder af.