Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
- Hoe kan de ontwikkeling en het huidige functioneren van de minderjarige worden beschreven aan de hand van de volgende gebieden: cognitieve-ontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling en gehechtheidsontwikkeling, zowel in de relatie tussen de moeder en de minderjarige, de vader en de minderjarige als tussen de minderjarige en haar gezinshuisouders?
- Wat zijn de cognitieve, pedagogische en affectieve mogelijkheden en beperkingen van de moeder en de vader en sluiten deze mogelijkheden aan bij wat de minderjarige nu en in de toekomst nodig heeft?
- Wat is het leervermogen van de ouders?
- Zijn de moeder en de vader, tezamen dan wel ieder afzonderlijk, in staat om
- Indien de ouders daartoe in staat zijn, welke hulpverlening hebben zij daarbij dan nodig?
- Zijn er, vanuit de minderjarige bezien, contra-indicaties voor een thuisplaatsing?
- Welke omgangsregeling met de moeder en/of de vader is in het belang van de minderjarige ingeval van gezagsbeëindiging?