De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier weken wegens winkeldiefstal samen met een medeverdachte. In hoger beroep betwistte de verdediging het medeplegen, met name de betrouwbaarheid van een getuigenverklaring. Het hof achtte deze verklaring echter betrouwbaar en stelde vast dat sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en medeverdachte.
De ten laste gelegde diefstal betrof diverse winkelgoederen, waaronder bami goreng, grillham, hamburger, zoete aardappelpuree en zuurkoolstampot, weggenomen uit een Jumbo-winkel te Leidschendam. Het hof verklaarde het bewezen dat verdachte samen met een ander deze goederen heeft weggenomen met het oogmerk zich deze wederrechtelijk toe te eigenen.
De strafmotivering betrof de ernst van het feit, de overlast en materiële schade voor de winkel, en de recidive van de verdachte op het gebied van soortgelijke diefstallen. Daarom werd een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend geacht. De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf werd afgewezen vanwege een recente opname van de verdachte in het kader van een andere strafzaak.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht door de verdachte te veroordelen tot vier weken gevangenisstraf met aftrek van voorarrest en sprak verdachte vrij van hetgeen niet bewezen werd verklaard.