Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
BESLISSING
60 (zestig) dagen, met dien verstande dat de toepassing van die gijzeling de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Gerechtshof Den Haag
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier jaar, waarvan één jaar voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, wegens poging tot doodslag gevolgd door diefstal. Daarnaast werd een schadevergoedingsmaatregel opgelegd van €5.000,- aan de benadeelde partij.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis van de rechtbank bevestigd. Wel is de opgelegde vervangende hechtenis ter zake van de schadevergoedingsmaatregel vernietigd en vervangen door een gijzelingstermijn van zestig dagen, conform de nieuwe wettelijke regeling die sinds 1 januari 2020 geldt.
De tenlastelegging betrof het met geweld plegen van poging tot doodslag op het slachtoffer, gecombineerd met diefstal van een kassalade, waarbij de poging tot doodslag werd gepleegd met het oogmerk het strafbare feit voor te bereiden en te vergemakkelijken. Het hof achtte de bewezenverklaring en strafoplegging terecht en handhaafde de overige sancties en voorwaarden.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf, waarvan één jaar voorwaardelijk, met wijziging van vervangende hechtenis naar gijzeling voor de schadevergoedingsmaatregel.