ECLI:NL:GHDHA:2019:3742
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis rechtbank in civiele zaak na Second Opinion-procedure
In deze civiele procedure heeft appellante hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de rechtbank Den Haag. Het hof verwijst naar het tussenarrest waarin een comparitie van partijen was gelast, maar deze comparitie heeft niet plaatsgevonden omdat partijen verzochten om toepassing van de Second Opinion-procedure.
Appellante trok haar memorie van grieven in en partijen vulden gezamenlijk het SO-formulier in, waarmee zij instemden met het Second Opinion Reglement. Het hof nam de overwegingen van de kantonrechter over en maakte deze tot de zijne, waarna het bestreden vonnis werd bekrachtigd zonder nadere motivering.
Appellante werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep, welke beperkt zijn tot het door geïntimeerden betaalde griffierecht van €1.649,00. De proceskostenveroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het arrest werd uitgesproken door het hof Den Haag op 5 februari 2019.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het hoger beroep van appellante af met veroordeling in beperkte proceskosten.