Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Afdeling Civiel recht
arrest van 8 oktober 2019
LOTERIJVERLIES.NL B.V.
STAATSLOTERIJ B.V.
Het geding
- de pleitnotities van LV in eerste aanleg op 9 oktober 2018;
- een akte met producties 83 tot en met 123 op 23 oktober 2018;
- een akte met producties 124 tot en met 126 op 9 november 2018;
- een aanvulling op productie 124 op 14 november 2018.
Beoordeling van het hoger beroep
“Fees per the Agreement (dated 26 February 2015) which relates to the assignment of 80.000 NEW Participants of Loterijverlies.nl B.V. to Europa Enterprises Limited”.Deze facturen zijn gebaseerd op en zijn conform een tussen EEL en [X B.V.] of LV gesloten overeenkomst van 10 november 2014 op grond waarvan EEL zich verplichtte voor een vast bedrag van € 15 per deelnemer “to provide Communication and Authorisation Services”. EEL diende te zorgen voor handtekeningen van de deelnemers waarmee zij zouden instemmen met dezelfde (nieuwe) Algemene Voorwaarden en nieuwe machtigingen (punten 262 ev. AD en producties 53 en 54 LV).
Opdracht / lastgeving
Stichting Loterijverlies probeert ervoor te zorgen dat de schade die u in de periode van 2000 t/m 2008 heeft geleden door de misleidende mededelingen (het bedrog) van de Staatsloterij door de Staatsloterij aan u wordt vergoed. Het is belangrijk dat wij als eenheid van deelnemers van Loterijverlies kunnen optreden tegen de Staatsloterij. Door hieronder uw akkoord te geven, stelt u Stichting Loterijverlies in staat om - op haar eigen naam en met uitsluiting van u - alle maatregelen te nemen die nodig zijn om de Staatsloterij hiertoe te bewegen:
a) het voeren van onderhandelingen namens u en namens u akkoord te gaan met concrete voorstellen die naar de inschatting van Stichting Loterijverlies in uw voordeel zijn;
ziet de rechtbank voldoende reden om te vermoeden dat de vennootschap[LV, hof]
als portemonnee van de Stichting de inleggelden van de deelnemers besteedt op zodanige wijze dat dit strijdig is met het statutair omschreven doel van de Stichting. Het had tot de taak van Breton als bestuurder van de Stichting behoord de handelwijze van de vennootschap als haar ‘portemonnee’ te controleren en tegen de handelwijze van de vennootschap actie te ondernemen. Dat daarbij feitelijk sprake is van optreden tegen zichzelf als tevens de bestuurder van de vennootschap, maakt dit niet anders en is inherent aan de keuze voor een structuur met gescheiden rechtspersonen, maar met dezelfde bestuurder. Nu Breton niet aan haar verplichtingen als bestuurder heeft voldaan rijst hieruit het vermoeden dat Breton als bestuurder van de Stichting heeft gehandeld in strijd met de statuten.”
Loterijverlies dagvaart namens 194.000 ingeschrevenen voor schadevergoeding!
“de praktijken van Loterijverlies BV”(Tweede Kamer, vergaderjaar 2016-17, Aanhangsel van de Handelingen, 1124):
en de bv[LV, toevoeging hof]
aan de Claimcode? Zo ja, waaruit blijkt dat? Zo nee, waarom niet en wat is uw mening daarover?
Lijst 144.308”
Voor zover nodig wordt dan ook een beroep gedaan op de onbevoegdheid van de deelnemers in deze en voor zover nodig wordt hierbij dan ook tevens de nietigheid cq. vernietigheid ten overvloede ingeroepen van de betreffende niet tot stand gekomen, althans niet rechtsgeldig tot stand gekomen overeenkomsten tot finale kwijtingen/afdoeningen.
“besluit van Staatsloterij tot het organiseren van een ‘Bijzondere trekking’ voor deelnemers die in de periode 2000-2008 misleid zijn”.
- SL te veroordelen tot betaling van de redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid van de deelnemers, met rente,
- SL op straffe van een dwangsom te veroordelen aan LV te overleggen de namen van alle bij haar aangesloten personen en een berekening voor ieder van hen van de bedragen die in het kader van het meespelen aan de diverse loten in voornoemde periode zijn betaald, vermeerderd met rente, alsook van eventuele prijzen die in de betreffende periode aan deze personen zijn uitgekeerd;
- SL te veroordelen in de buitengerechtelijke kosten en proceskosten.
- dat LV de procedure met geen ander doel aanhangig heeft gemaakt dan om te ontkomen aan de gevolgen van de ontslagprocedure bij de Stichting;
- dat reden is te twijfelen aan de kwaliteit en de integriteit van het bestuur van LV ( [betrokkene] ) en dat de belangen van de deelnemers niet voldoende gewaarborgd zijn;
- dat de stellingen van LV over haar (proces)bevoegdheid in strijd zijn met de waarheidsplicht van artikel 21 Rv Pro.
- betwist dat de in de deelnemersformulieren 2015, 2016 en de Algemene Voorwaarden neergelegde machtigingen en/of afspraken kwalificeren als lastgeving en om die reden al niet kunnen leiden tot procesbevoegdheid;
- betwist dat de deelnemersformulieren 2015 een last (of machtiging) aan LV inhouden;
- betwist dat de diverse Algemene Voorwaarden tot 2016 een last (of machtiging) aan LV inhouden;
- betwist dat de deelnemersformulieren 2016 en de Algemene Voorwaarden uit 2016 (zo daarin al een last of machtiging is te lezen) tot een rechtsgeldige last (of machtiging) aan LV kunnen leiden en
- stelt dat sprake is van misbruik van (proces)bevoegdheid als hiervoor aangegeven, dus ook omdat LV de rechter over haar (proces)bevoegdheid in strijd met de waarheidsplicht onjuist heeft geïnformeerd.
Opdracht/lastgeving:
a) het voeren van onderhandelingen namens u en namens u akkoord te gaan met concrete voorstellen die naar de inschatting van Stichting Loterijverlies in uw voordeel zijn;
StichtingLoterijverlies
in staat gesteldeen procedure tegen SL te beginnen. De rechtbank oordeelde over deze bepaling dat
“uit de bewoordingen van de door Loterijverlies B.V. gestelde privatieve last niet[volgt]
dat zij verplicht is een procedure te beginnen”(rechtsoverweging 5.20).
Loterijverlies Loterijverlies machtigtop haar eigen naam en met uitsluiting van de deelnemer alle benodigde maatregelen tegen SL te nemen, waaronder het starten van een procedure tegen SL, gelezen in samenhang met de in die Voorwaarden vermelde definitie van Loterijverlies als de Stichting en LV. In het deelnemersformulier 2015 is niet vermeld met welke gewijzigde Algemene Voorwaarden de ondertekenaar instemt. Daar de door LV overgelegde exemplaren van de deelnemersformulieren 2015 alle getekend zijn in de periode 12 tot en met 14 juli 2015 kan, zonder nader toelichting, die ontbreekt, niet worden aangenomen dat middels de ondertekening van deze deelnemersformulieren is ingestemd met de Algemene Voorwaarden van 24 juli 2015, die ten tijde van de ondertekening nog niet bestonden. Het beroep op de Algemene Voorwaarden van 24 juli 2015 acht het hof dan ook onvoldoende onderbouwd en kan om die reden al niet slagen.
machtigingom te procederen tegen de SL aan de Stichting werd gegeven. In artikel G3 is immers vermeld dat de machtiging onder meer inhoudt:
privatievelast of machtiging is gegeven aan de Stichting om in eigen naam voor de deelnemers als procespartij op te treden, konden deze deelnemers pas een machtiging aan LV geven vanaf het moment dat de relatie met de Stichting door hen was opgezegd. Het bericht dat de deelnemers hun relatie met de Stichting opzegden heeft de Stichting pas 21 december 2016, althans in maart 2017 bereikt, derhalve nadat de ongeveer 80.000 deelnemers het deelnemersformulier 2016 in november en december 2016 hadden getekend. SL meent dat die, door akkoordverklaring met de Algemene Voorwaarden van 24 oktober 2016 in november of december 2016 gegeven, machtigingen om die reden niet rechtsgeldig zijn gegeven.
lastom een vordering op eigen naam te innen meebrengt dat de lasthebber ook in eigen naam in rechte kan optreden
.Er is slechts sprake van lastgeving als de lasthebber verplicht is rechtshandelingen voor de lastgever te verrichten. Daarvan is geen sprake als er slechts een bevoegdheid is om voor rekening van een ander rechtshandelingen te verrichten. Niet voldoende is dat de dienstverlening incidenteel het verrichten van een rechtshandeling meebrengt. Het hof is van oordeel dat door het ondertekenen van de deelnemersverklaring 2016 en de daarin vermelde akkoordverklaring met de algemene voorwaarden van 24 oktober 2016 geen overeenkomst van lastgeving tot stand is gekomen, omdat niet kan worden aangenomen dat sprake is van een
verplichting (een last)van LV om ten behoeve van deelnemers (“de cliënten”) rechtshandelingen te verrichten. Er is slechts sprake van een machtiging om op eigen naam maatregelen te nemen. De opdracht houdt in dat LV (collectieve juridische) diensten met betrekking tot de vorderingen zal (doen) verrichten (vergelijk het bepaalde onder B en D van de Algemene Voorwaarden), waarbij LV (zonder overleg met de cliënt) bepaalt of en zo ja welke (rechts)handelingen zullen worden verricht, of de dienstverlening zal worden stopgezet en of cliënt met een schikkingsvoorstel akkoord gaat. De enkele verwijzing naar artikelen uit afdeling 2 van titel 7 van boek 7 BW (over lastgeving) is naar het oordeel van het hof onvoldoende om anders te oordelen. Dit brengt mee dat geen sprake is van een last op grond waarvan LV als procespartij in eigen naam kan optreden.
Stichtingin 2013 bij het hof Den Haag en in 2015 bij de Hoge Raad succesvol was gebleken in de procedure tegen de SL, deels na een door/onder het logo van de
Stichtingin 2015 geplaatste advertentie waarbij nieuwe deelnemers werden geworven. Daardoor is, de door de rechtbank in rechtsoverwegingen 5.13 en 5.14 van het bestreden vonnis genoemde omstandigheden mede in aanmerking nemende, bij de deelnemers de indruk gewekt en mochten de deelnemers ervan uitgaan dat hun belangen behartigd werden, althans voor hen jegens SL werd opgetreden door uitsluitend de Stichting, een claimorganisatie zonder winstoogmerk.
blijftvertegenwoordigd door Loterijverlies.nl BV”, terwijl op dat moment alleen de Stichting gemachtigd was (in eigen naam) ten behoeve van de deelnemers maatregelen tegen SL te nemen en te procederen. Toen de deelnemers het deelnemersformulier 2016 ter tekening voorgelegd kregen was LV bovendien al een procedure ten behoeve van die deelnemers gestart. Dat er voor de deelnemers die de actie tegen SL wilden voortzetten geen reële andere keuze was dan het deelnemersformulier 2016 te tekenen en in te stemmen met de Algemene Voorwaarden en de daarin vermelde machtiging van LV, geldt te meer nu de Stichting, zoals LV zelf stelt, niet over de inschrijfgelden kon beschikken en dus geen middelen had om voort te procederen of andere maatregelen te nemen.
voor de Stichting) int niet af aan de indruk dat de Stichting de belangen behartigde. Dat geldt ook voor de overige betrokkenheid van LV/ [betrokkene] bij het Loterijverlies-initiatief, bestaande uit het verrichten van administratieve en juridische werkzaamheden ten behoeve van de actie/de Stichting. Dat de deelnemers ervan mochten uitgaan dat de Stichting hun belangen behartigde brengt mee dat zij er ook van mochten uitgaan dat hun inschrijfgelden zouden worden gebruikt ter behartiging van hun belangen en dat er geen sprake was van een winstoogmerk bij de voor hen optredende Stichting. Onder de gegeven omstandigheden, te weten
- dat, naar eigen stellingen van LV, zij/ [betrokkene] als ‘ultimate beneficial owner’ (UBO) steeds bepaalde wat de Stichting deed – zelfs toen Breton (met (werknemers van) een trustmaatschappij als bestuurder) bestuurder van de Stichting was geworden in februari 2016 –,
- dat de Stichting financieel van LV afhankelijk was omdat alleen LV over de inschrijfgelden kon beschikken en
- dat LV zelf heeft gekozen voor deze constructie,
- dat in haar Algemene Voorwaarden is neergelegd dat LV mag bepalen of cliënt met een schikkingsvoorstel akkoord dient te gaan;
- dat de in de oudere Algemene Voorwaarden voorkomende zin “raadpleging van de cliënt zal te allen tijde voorafgaand aan een dergelijk besluit (om met een schikkings-voorstel al dan niet akkoord te gaan) plaatsvinden” en artikel G2 (waarin er kennelijk van wordt uitgegaan dat cliënt uiteindelijk bepaalt of hij met een schikkingsvoorstel akkoord gaat) in de Algemene Voorwaarden vanaf 12 juni 2015 zijn geschrapt en
- dat LV op grond daarvan bij (betekende) brief aan SL d.d. 18 mei 2017 namens 193.613 deelnemers heeft medegedeeld dat niet met de SL-regeling akkoord wordt gegaan, dat eventuele instemming daarmee onbevoegd is geschied en dat de nietigheid of vernietigbaarheid daarvan wordt ingeroepen (productie 82 SL);
- dat niet gesteld of gebleken is dat de deelnemers op de hoogte zijn gesteld van deze actie van LV; indien zij op de hoogte zouden zijn gesteld hadden zij de mogelijkheid gehad om de relatie met LV op te zeggen.