ECLI:NL:GHDHA:2019:3266
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- E.F. Lagerwerf-Vergunst
- W.P.C.M. Bruinsma
- B.P. de Boer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte wegens afstand van hoger beroep tegen vonnis politierechter
In deze strafzaak heeft de verdachte ter terechtzitting van de politierechter in de rechtbank Rotterdam op 19 juni 2018 afstand gedaan van zijn bevoegdheid om hoger beroep in te stellen tegen het vonnis. De politierechter heeft daarbij duidelijk aangegeven dat het vonnis direct definitief zou worden indien de verdachte afstand deed van het hoger beroep. Zowel de verdachte als de officier van justitie hebben afstand gedaan van het hoger beroep.
Het gerechtshof Den Haag heeft in hoger beroep beoordeeld of de verdachte alsnog ontvankelijk kon worden verklaard. Het hof concludeerde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die de afstand van het hoger beroep niet rechtsgeldig zouden maken. Hierdoor is het vonnis van de politierechter onherroepelijk geworden.
Het hof verklaart de verdachte daarom niet-ontvankelijk in het hoger beroep en bevestigt dat het vonnis van de politierechter definitief is geworden. De uitspraak is gedaan op 6 november 2019 door een meervoudige kamer van het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens rechtsgeldige afstand van het recht op hoger beroep.