ECLI:NL:GHDHA:2019:286
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- A.H.N. Stollenwerck
- A.N. Labohm
- J.B. Backhuijs
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over nietigverklaring en toepasselijk huwelijksvermogensrecht van in Zambia gesloten huwelijk
In deze civiele zaak staat centraal de vraag of het huwelijk tussen partijen, voltrokken in Zambia, rechtsgeldig is en of het in Nederland erkend kan worden. De vrouw vordert nietigverklaring van het huwelijk en subsidiair toepassing van het Zambische huwelijksvermogensrecht. De man betwist de nietigheid en stelt dat het huwelijk rechtsgeldig tot stand is gekomen.
Het hof bevestigt zijn bevoegdheid op grond van artikel 3 Brussel Pro II-bis en stelt dat het toepasselijke recht voor de geldigheid van het huwelijk het recht van Zambia is. Gezien de complexiteit en onduidelijkheden over de formele vereisten van het huwelijk in Zambia, besluit het hof nader deskundigenonderzoek te gelasten bij het Internationaal Juridisch Instituut (IJI) te Den Haag.
Het IJI zal onder leiding van een raadsheer-commissaris een schriftelijk rapport opstellen over de rechtsgeldigheid van het huwelijk volgens Zambisch recht, de mogelijkheid van nietigverklaring, de gevolgen daarvan en het toepasselijke huwelijksvermogensregime. De kosten van dit onderzoek komen ten laste van de staat. Het hof houdt verdere beslissing aan tot ontvangst en beoordeling van het deskundigenrapport.
Uitkomst: Het hof gelast nader deskundigenonderzoek naar de rechtsgeldigheid van het huwelijk en houdt verdere beslissing aan.