ECLI:NL:GHDHA:2019:2833
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- A.H.N. Stollenwerck
- A. Zonneveld
- A.R.J. Mulder
- Rechtspraak.nl
Hof bevestigt toedeling woning aan vrouw met lasten als eigen schuld en ontslag man uit hoofdelijke aansprakelijkheid
Partijen, ex-echtgenoten, zijn in 1996 gehuwd en in 2011 gescheiden. Bij mondelinge behandeling in 2011 sloten zij een overeenkomst over de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap, inclusief toedeling van de woning aan de vrouw met de verplichting de hypotheek over te nemen.
De man vorderde in hoger beroep nakoming van deze overeenkomst, waarbij hij stelde dat de vrouw de volledige onderwaarde van de woning voor haar rekening moest nemen en dat hij uit de hoofdelijke aansprakelijkheid moest worden ontslagen. De vrouw betwistte dit en stelde dat sprake was van een inspanningsverplichting en dat de man mede aansprakelijk bleef.
Het hof oordeelde dat er geen vaststellingsovereenkomst was, maar een definitieve regeling over de verdeling. De uitleg van de overeenkomst geschiedde volgens de Haviltex-maatstaf, waarbij de subjectieve wil van partijen en redelijkheid en billijkheid tussen ex-echtgenoten centraal staan. Het hof achtte de uitleg van de man aannemelijk en oordeelde dat de vrouw het aandeel in de woning kreeg met lasten als eigen schuld, en dat de man uit hoofdelijke aansprakelijkheid moest worden ontslagen.
Het hof vernietigde het bestreden vonnis voor zover het de medewerking van de man aan verkoop en de verdeling van de onderwaarde betrof, en veroordeelde de vrouw tot volledige medewerking aan de uitvoering van de overeenkomst. Proceskosten werden gecompenseerd en het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de vrouw tot volledige medewerking aan de toedeling van het aandeel van de man in de woning en ontslaat de man uit hoofdelijke aansprakelijkheid.