Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
€ 240.000,-. De vrouw diende van haar aandeel daarvan onder andere een lening die zij was aangegaan bij haar zus en zwager af te betalen, schulden aan derden en erfbelasting af te dragen. De vrouw leeft van haar inkomen uit arbeid van € 1.072,- netto per maand. Verder ontvangt zij een [pensioenuitkering] van € 101,- bruto per maand, die de man ook ontvangt. Gelet op de woonlasten van de vrouw en haar premie ziektekostenverzekering is een aanvulling van de man onontbeerlijk, aldus de vrouw.