Uitspraak
- de verdachte had een mes met een lemmet van 15 à 20 centimeter in zijn hand;
- het mes had een punt;
- [slachtoffer 1] had de verdachte vastgepakt door zijn armen om het middel van de verdachte heen te slaan;
- de verdachte maakte vervolgens met dat mes een achterwaartse stekende beweging in de zij van [slachtoffer 1];
- [slachtoffer 1] is ten gevolge daarvan gewond geraakt en heeft onder meer een steekverwonding van drie centimeter in de linker buikhelft opgelopen;
- als gevolg van het steken had [slachtoffer 1] een gat in zijn dikke darm waaraan hij met spoed moest worden geopereerd.
of omstreeks14 december 2016 te 's-Gravenhage
, althans in Nederland,ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk
en met voorbedachten radeeen persoon, te weten [slachtoffer 1], van het leven te beroven, met dat opzet
en na kalm beraad en rustig overleg, met een mes
, althans een scherp en/of puntig voorwerp, meermalen, althans eenmaalheeft gestoken
/gesnedenin
het (boven)lichaam en/ofde buik en/of de zij van die [slachtoffer 1], terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
of omstreeks14 december 2016 te 's-Gravenhage ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 2] opzettelijk
en met voorbedachten radezwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet
en na kalm beraad en rustig overleg, meermalen althans eenmaal,met een mes
, althans een scherp en/of puntig voorwerpin
het (boven)lichaam en/ofhet
(boven)been van die [slachtoffer 2] heeft gestoken
en/of gesneden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
1.primair, impliciet subsidiair:
poging tot doodslag;
2.subsidiair:
poging tot zware mishandeling.
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) jaren.
ter beschikking wordt gestelden beveelt dat hij van overheidswege zal worden verpleegd.
de benadeelde partij [slachtoffer 1]ter zake van het onder
€ 4.112,- (vierduizend honderdtwaalf euro) bestaande uit € 112,- (honderdtwaalf euro) materiële schade en
de benadeelde partij [slachtoffer 2]ter zake van het onder
€ 9.546,- (negenduizend vijfhonderdzesenveertig euro) bestaande uit € 7.546,- (zevenduizend vijfhonderdzesenveertig euro) materiële schade en € 2.000,- (tweeduizend euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
82 (tweeëntachtig) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
4 (vier) weken.
5 (vijf) dagen.
teruggaveaan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten: