Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest in kort geding van 7 maart 2017
Vakbondsunie van het Europees Octrooibureau (VEOB, afdeling Den Haag),
de Europese Octrooi Organisatie,
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
“The Protocol on Privileges and Immunities annexed to this Convention shall define the conditions under which the Organisation, the members of the Administrative Council, the employees of the European Patent Office, and such other persons specified in that Protocol as take part in the work of the Organisation, shall enjoy, in each Contracting State, the privileges and immunities necessary for the performance of their duties.”
Service Regulations for Permanent Employees” (hierna: het Dienstreglement). Het Dienstreglement voorziet in een interne beroepsprocedure voor het beslechten van geschillen tussen (voormalige) personeelsleden van EOO en EOO. Een personeelslid kan tegen een jegens hem genomen besluit op grond van het Dienstreglement bezwaar maken bij de president van EOO. Tegen de beslissing van de president kan op grond van artikel 13 EOV Pro beroep worden ingesteld bij
the International Labour Organisation Administrative Tribunal(hierna: ILOAT).
Policy on the prevention of harassment and the resolution of conflicts at the EOO”en circulaire 342:
“Guidelines for investigations at the EOO”. De tweede circulaire introduceert de mogelijkheid van intern onderzoek naar vermeend wangedrag van werknemers van EOO.
Grief 1is gericht tegen het oordeel van de voorzieningenrechter dat voldoende aannemelijk is dat individuele werknemers van EOO en hun vertegenwoordigers bij VEOB c.s. voor besluiten die in tuchtrechtelijke procedures zijn genomen, toegang tot de rechtsgang bij ILOAT hebben en dat voor die werknemers van EOO en hun vertegenwoordigers een met voldoende waarborgen omklede rechtsgang bij ILOAT ter beschikking staat. VEOB c.s. voeren aan dat er voor de vakbonden geen alternatieve rechtsgang voorhanden is. De individuele werknemers kunnen zich bovendien niet beklagen over het interne onderzoek van de “Investigative Unit” en ook niet over de beslissing van de president om een tuchtprocedure te beginnen. Pas “aan het einde van de rit” kunnen zij opkomen tegen het eindbesluit van de president en tegen de sancties die eventueel zijn opgelegd.
Grief 2is gericht tegen de overwegingen 4.6 en 4.7, waarin de voorzieningenrechter heeft overwogen dat er omvangrijke processen in gang zijn gezet om het sociale klimaat en de werkomstandigheden binnen EOO grondig te onderzoeken en waar nodig te verbeteren. De grief is mede gericht tegen de conclusie dat de Nederlandse rechter geen rechtsmacht heeft.
Beslissing
- bekrachtigt het tussen partijen gewezen vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Den Haag van 5 augustus 2016;
- veroordeelt VEOB c.s. in de kosten van het geding in hoger beroep, aan de zijde van EOO tot op heden begroot op € 718,- aan verschotten en € 894,- aan salaris advocaat;
- verklaart dit arrest ten aanzien van de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.