ECLI:NL:GHDHA:2017:4090
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toelating tot schuldsaneringsregeling ondanks gedeeltelijke niet-goede trouw schuldenaar
De appellant verzocht bij de rechtbank om toepassing van de schuldsaneringsregeling vanwege een totale schuldenlast van €32.518,17. De rechtbank wees dit verzoek af omdat onvoldoende aannemelijk was dat zij te goeder trouw was geweest ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van haar schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek.
Het hof overwoog dat een deel van de schulden, waaronder een schuld aan de Belastingdienst vanwege terugvordering van kinderopvangtoeslag en inkomstenbelasting, niet te goeder trouw was ontstaan. Ook schulden aan Vodafone, H&M en Ziggo duiden op overbesteding en zijn niet te goeder trouw ontstaan. De schuld aan Fit For Free was inmiddels voldaan, en schulden aan Zara en Netpoint Factoring betreffen terugbetaling loon en tandartskosten, die niet op overbesteding wijzen.
Ondanks het niet te goeder trouw ontstaan van een deel van de schulden, acht het hof aannemelijk dat de appellant de omstandigheden die tot de schulden leidden onder controle heeft gekregen. De beëindiging van haar relatie en de benoeming van een nieuwe beschermingsbewindvoerder hebben geleid tot stabiliteit, en er zijn geen nieuwe schulden ontstaan. De appellant heeft zich gemotiveerd getoond en het beroep op de hardheidsclausule slaagt.
Het hof wijst op de verplichtingen van de appellant gedurende de schuldsanering, waaronder het vinden van een fulltime baan en het opvolgen van aanwijzingen van de bewindvoerder. Het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd en de toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt uitgesproken.
Uitkomst: Het hof wijst de schuldsaneringsregeling toe ondanks gedeeltelijke niet-goede trouw van de appellant bij het ontstaan van schulden.