Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest d.d. 30 augustus 2016
Het geding
- de man en zijn advocaat;
- de vrouw en haar advocaat.
Gerechtshof Den Haag
In deze zaak vordert de man vernietiging van een civielrechtelijk contact- en straatverbod dat hem door de voorzieningenrechter is opgelegd vanwege vermoedens van stalking, bedreiging en mishandeling van de vrouw en haar dochter. De man ontkent de aantijgingen en stelt dat het strafrechtelijke verbod reeds voldoende bescherming biedt. De vrouw betoogt dat de man een gevaar vormt, onder meer omdat bij hem stroomstootwapens zijn aangetroffen, en dat het civielrechtelijk verbod noodzakelijk is voor de veiligheid van haar en haar dochter.
Het hof oordeelt dat een civielrechtelijk contact- en straatverbod een ernstige inbreuk op de bewegingsvrijheid van de man inhoudt en dat daarvoor een reële dreiging van toekomstig onrechtmatig handelen moet bestaan. Het hof bevestigt het eerdere vonnis dat het verbod gerechtvaardigd is voor een periode van zes maanden en binnen een straal van 500 meter rond de woning van de vrouw. De uitbreiding van duur en gebied tot de gehele gemeente Schiedam wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De belangen van de vrouw en haar dochter wegen zwaarder dan de bewegingsvrijheid van de man binnen het beperkte gebied. De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en er is een dwangsom opgelegd voor overtreding van het verbod.
Uitkomst: Het hof bevestigt het contact- en straatverbod voor zes maanden binnen 500 meter van de woning van de vrouw en wijst uitbreiding af.