ECLI:NL:GHDHA:2015:915
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof wijst gedeeltelijk vordering terugbetaling huurtermijnen en bedrijfskosten toe
In deze civiele zaak ging het om het hoger beroep van appellant tegen geïntimeerde over de terugbetaling van door appellant voorgeschoten huurtermijnen en bedrijfskosten. De rechtbank Rotterdam had eerder vorderingen afgewezen, waarop appellant in hoger beroep ging.
Het hof overwoog dat geïntimeerde niet voldoende had betwist dat appellant huurtermijnen en bedrijfskosten had voorgeschoten, en dat de terugbetalingen onvoldoende waren gemotiveerd. De huurtermijn van oktober 2007 werd uitgesloten omdat de huurovereenkomst toen op naam van geïntimeerde stond en hij rechtstreeks betaalde.
Het hof vernietigde het vonnis van 6 juni 2014 gedeeltelijk en wees de vorderingen tot terugbetaling van €5.167,43 aan huurtermijnen, €5.926,57 aan bedrijfskosten, beide vermeerderd met wettelijke rente vanaf 16 maart 2010, en €700 aan buitengerechtelijke incassokosten toe. De overige vonnissen werden bekrachtigd en de kosten in hoger beroep werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof wijst gedeeltelijk de vorderingen tot terugbetaling van huurtermijnen, bedrijfskosten en incassokosten toe met wettelijke rente.