ECLI:NL:GHDHA:2015:3768
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde en genot van perceel voor belastingjaren 2012 en 2013
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat hij bij het begin van de kalenderjaren 2012 en 2013 niet het genot van het perceel had vanwege een lopende civielrechtelijke procedure en de aanwezigheid van een grondheuvel, en dat de WOZ-waarde daarom te hoog was vastgesteld.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard en het Gerechtshof bevestigt dit oordeel. Het hof overweegt dat belanghebbende weliswaar eigenaar was, maar dat de juridische beschikkingsmacht over het perceel niet was verloren. De brief van de verkoper en de civielrechtelijke procedure waren onvoldoende om het genot te ontkennen.
Daarnaast heeft de heffingsambtenaar de WOZ-waarde onderbouwd met vergelijkingsobjecten en correcties voor opruimkosten. Het hof acht de gebruikte vergelijkingsobjecten en waarderingsmethoden passend en voldoende onderbouwd. De correcties voor de grondheuvel en puin zijn in lijn met eerdere uitspraken en voldoende.
Het hof concludeert dat de WOZ-waarden niet te hoog zijn vastgesteld en dat het hoger beroep ongegrond is. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde voor 2012 en 2013 wordt bevestigd.