ECLI:NL:GHDHA:2015:2189
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- M.A.F. Tan-de Sonnaville
- A.E.A.M. van Waesberghe
- T.G. Lautenbach
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over nietigheid en werking branchebeschermingsbeding in huurovereenkomst winkelruimte
Partijen sloten in 2007 een huurovereenkomst met een branchebeschermingsbeding dat concurrentie in de winkelstraat moest voorkomen. In 2012 werd een nieuwe huurovereenkomst gesloten waarbij het oude contract verviel en het branchebeschermingsbeding niet expliciet werd opgenomen.
Toko stelde dat het beding nog steeds gold en vorderde nakoming en schadevergoeding wegens schending. De kantonrechter oordeelde dat het beding nog gold en NSI wanprestatie pleegde. NSI ging in hoger beroep tegen dit oordeel.
Het hof oordeelde dat Toko niet voldoende bewijs leverde dat het branchebeschermingsbeding in 2012 opnieuw was overeengekomen. Verklaringen van getuigen en partijen waren onvoldoende concreet en spraken slechts in algemene termen over concurrentie. Het hof vernietigde de eerdere vonnissen en wees de vorderingen van Toko af.
Daarnaast veroordeelde het hof Toko in de proceskosten van zowel eerste aanleg als hoger beroep. De uitspraak bevestigt dat het ontbreken van een expliciete branchebescherming in een nieuwe overeenkomst betekent dat het oude beding niet automatisch voortduurt.
Uitkomst: De vorderingen van Toko worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van voortduren branchebeschermingsbeding.