De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor het bezit van een zeer groot aantal kinderpornografische afbeeldingen en films, waaronder materiaal met jonge kinderen en peuters. Hij verzamelde dit materiaal gedurende ongeveer tien jaar door het downloaden van internet en opslaan op zijn computer.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis van de rechtbank bevestigd, behalve de strafmotivering en de strafoplegging die het hof vernietigde en opnieuw bepaalde. Het hof nam de ernst van het feit, de omvang van het materiaal en de lange verzamelfase mee, maar ook de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals zijn vrijwillige en gemotiveerde deelname aan een ambulante behandeling sinds maart 2013.
De verdachte erkende het ten laste gelegde feit volledig en toonde openheid. Het hof hanteerde het LOVS-orientatiepunt voor kinderpornobezit en legde een gevangenisstraf van 26 weken op, waarvan 23 weken voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar en bijzondere voorwaarden omtrent het volgen van behandeling en naleving van voorschriften van de reclassering.
Het hof benadrukte dat het verzamelen van kinderporno mede bijdraagt aan het in stand houden van ernstig laakbare handelingen met kinderen, die psychische schade kunnen ondervinden. De straf is een afweging tussen de ernst van het delict en de positieve gedragingen en omstandigheden van de verdachte.