Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.
BESLISSING
twintig) urenindien niet naar behoren verricht te vervangen door 10 (tien) dagen hechtenis.
Gerechtshof Den Haag
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor meerdere feiten, waaronder bezit van drugs en een balletjespistool. In hoger beroep heeft het hof het bewijs voor de drugsvorderingen onvoldoende geacht en sprak de verdachte daarvan vrij. Het hof oordeelde dat niet kon worden vastgesteld dat de aangetroffen goederen overeenkwamen met de geteste stoffen en dat de verklaring van de verdachte omtrent kamagra en viagra onvoldoende was voor een bewezenverklaring.
Voor het bezit van het balletjespistool achtte het hof de bewezenverklaring wel gegrond. Het balletjespistool werd als een wapen van categorie I aangemerkt, dat vanwege zijn gelijkenis met een vuurwapen verboden is. De verdediging voerde aan dat het niet bewezen kon worden dat het voorwerp geschikt was voor afdreiging, maar het hof verwierp dit verweer omdat een opsporingsambtenaar deskundig wordt geacht in de beoordeling van wapens.
Het hof legde een taakstraf van 20 uren op, lager dan de gevorderde 30 uren, vanwege een overschrijding van de inzendtermijn van het procesdossier. De overige tenlasteleggingen werden verworpen en de verdachte werd daarvan vrijgesproken. Het arrest werd gewezen door drie rechters op 20 februari 2014.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 20 uren voor het bezit van een balletjespistool en vrijgesproken van de drugsvorderingen.